top of page
  • Foto van schrijverjvwing

5 tendensen die duiden op relatief stabiele olieprijzen

Aardolie en petroleum zijn en blijven de komende decennia de motor van onze industrie en onze dagelijkse activiteiten. Petroleumprijzen hebben een enorme impact op inflatie. Enerzijds omdat energie en petroleum zo’n groot aandeel vertegenwoordigen in onze koopkracht en anderzijds omdat energie en petroleum de basisingrediënten zijn voor alle andere artikelen en diensten in diezelfde inflatiekorf.


Schokken in de olieprijs zijn nefast voor de financiële markten en onze bedrijven. Stabiliteit in deze sector en stabiele olieprijzen zijn essentieel voor de zekerheid waarop bedrijven en ondernemers iedere dag opnieuw vertrouwen.


Te laag, te hoog

Extreem lage olieprijzen schaden de industrie omdat ze een ontradend effect hebben op exploratie en investeringen die de toekomstige beschikbaarheid en betaalbaarheid van petroleum bepalen. Extreem hoge prijzen vernietigen dan weer de vraag, omdat hoge prijzen ons ervan weerhouden energie en petroleum aan te wenden voor onze gehele economische activiteitsgraad. Een gulden middenweg - prijzen die het midden houden tussen 'te hoog' en 'te laag' - zijn te verkiezen voor iedereen die aardolie verbruikt: de gezinnen, landbouw, industrie, horeca...


5 indicatoren die wijzen op rustige energiemarkt


Dit zijn 5 redenen waarom wij denken aan een relatieve rust en vertrouwen in de belangrijkste van alle energiemarkten, nl de petroleumindustrie.


1. Leisteen frackers zijn gegeerd

’s Werelds derde grootste petroleumbedrijf, Exxon Mobil (XOM), heeft zijn oog laten vallen op een kanjer in de fracking-industrie: Pioneer Resources (PXD). Hoewel prematuur en hoewel nog geen overname werd getekend, put de industrie er moed uit. Het bevestigt het vertrouwen van grote spelers in de nabije toekomst van de fracking-industrie. Dat stelt vele andere spelers gerust.


2. Winstgevendheid en bedrijfsresultaten

Chevron (CVX), Shell (SHEL) en British Petroleum (BP) en ook kleinere spelers in de industrie boeken double-digit winstcijfers. Daardoor vinden aandelen vlot hun weg naar de sterkste investeringsportfolio’s ter wereld. Investeerders zien duidelijk dividenden en een hogere marktkapitalisatie voor deze aandelen. Dat staat in schril contrast met andere industrietakken.


3. Vraag, aanbod en prijs

Toen OPEC enkele dagen geleden aankondigde nog eens 500.000 vaten per dag minder te gaan produceren, dreef dat de olieprijs plots hoger. Tegelijk blijven de geopolitieke perikelen aanhouden. Gehakketak met Moskou, chaos en veiligheidsissues in het Zwarte Zeegebied maar ook de burgeroorlog in Yemen blijven voor onzekerheid zorgen. En ook iedere mogelijke escalatie voor de kust van Taiwan kan de olieprijs plots hoger duwen. Al deze factoren blijven aanwezig. Mechanismen die op korte termijn de prijs zouden kunnen drukken of fors verhogen lijken dan weer eerder veraf.


4. De 4-jaar trendlijn

Wie louter de korte termijn indicatoren erop naslaat, kan bedrogen uitkomen. Kijken we naar de United States Oil Fund ETF (USO), dan geldt die als een betrouwbare proxy.

De “200-week moving average” is een dataset die de financiële wereld gebruikt om de gemiddelde prijs van een beleggingsinstrument over de afgelopen 200 weken aan te duiden. Met andere woorden, door simpelweg deze indicator op een grafiek te plotten en aan te houden, hadden beleggers de afgelopen drie jaar aan de goede kant van de olietrend kunnen zitten. De productierestricties die OPEC aankondigde, duwden de olieprijs weer zachtjes naar de bovenzijde van deze 200-weken trendlijn.


5. SPR’s moeten worden aangevuld

Het Amerikaanse DOE (Department of Energy) heeft zich voorgenomen om de Strategische Petroleum Reserves aan te vullen. Deze reserves staan op een historisch laag peil. Toen de ppb (Price per barrel) naar $67 - $71 zakte, ondernam het ministerie echter geen actie. Het meende dat de bodem nog niet bereikt was. Maar toen kwam OPEC met een bijkomende productierestrictie.

Dalen petroleumprijzen de komende weken of maanden, dan geldt het gigantische aankoopvolume van de DOE als een kunstmatige prijsdrempel onder de olieprijs. Hoe? Omdat het enorme aankoopvolume van de DOE zo’n grote vraag vertegenwoordigt in een beperkt aanbod en voor een onmiddellijke prijscorrectie zorgt.


Conclusie


Waar men niet om heen kan, is dat de markt voor ruwe olie rekening lijkt te houden met een voelbare vernietiging van de vraag in de toekomst. Doet zich een overaanbod van 2 tot 3 mio vaten per dag voor, dan is dat het signaal dat het BNP met 2 tot 3% zal worden aangetast.. Dit zou een wereldwijde recessie betekenen, van dezelfde omvang als de GFC van 2008. Doet dit zich dit voor, dan blijft dit waarschijnlijk niet beperkt tot het tweede kwartaal van 2023. Opvallend is dat de verlaging in olieproductie door de OPEC er niet in slaagt om de time-spread en de voorraden met elkaar te verzoenen. De markt houdt duidelijk rekening met een vraagvernietiging van 1,5 mio bpd. Die -1,5% komt grosso modo overeen met de krimp van ongeveer 1,5% in de geanticipeerde reductie in olieproductie.


Deze 5 indicatoren duiden op een relatieve rust en stabiliteit binnen een scenario van recessie of depressie. Hiermee lijken we de komende maanden evenwel gevrijwaard te blijven van al te grote schokken in de olieprijs omdat zowel voorraden als productie output de mogelijkheid van een recessie incalculeren. Het positieve daaraan is dat daarmee grote en onverhoedse schokken in de olieprijs worden vermeden wanneer andere markten naar een nieuw evenwicht zoeken.


136 weergaven0 opmerkingen
bottom of page